Scripties UMCG - Rijksuniversiteit Groningen
 
English | Nederlands

Kanker en zwangerschap: verband tussen antenatale blootstelling aan oncologische behandeling en foetale groei. :Een retrospectief cohortonderzoek op basis van de International Network on Cancer Infertility and Pregnancy (INCIP) database.

(2016) Bouwman, A.M.G.

Introductie: Het ‘International Network on Cancer, Infertility and Pregnancy’ (INCIP) publiceerde recentelijk de onderzoeksresultaten van de lange termijn gevolgen voor het kind van oncologische behandeling gedurende de zwangerschap.1 Op het vlak van algehele gezondheid, cognitief vermogen en cardiale ontwikkeling werd geen verschil gezien met de algemene populatie.1,2 Wat bij zwangeren met kanker echter opviel was dat er relatief meer small for gestational age (SGA) kinderen geboren werden (gedefinieerd als geboortegewicht <p10 op basis van de aangepaste groeigrafieken).3,4
Onderzoeksdoel: Nakijken van het effect van antenatale maternale kankerdiagnose en het type en tijdstip van oncologische behandeling op het voorkomen van SGA.
Methode: Een retrospectief cohortonderzoek werd uitgevoerd op basis van gegevens uit de INCIP database, een internationale database waarin zowel oncologische als obstetrische gegevens worden verzameld van vrouwen met een kankerdiagnose tijdens de zwangerschap. Alleen éénling zwangerschappen waarbij zwangerschapsduur bij partus en geboortegewicht gekend was, werden geïncludeerd. Het geboortegewicht werd uitgedrukt in percentielen op basis van aangepaste groeicurves. Parameters die in rekening gebracht werden zijn zwangerschapsduur bij geboorte, geslacht, lengte en gewicht van de moeder, pariteit en ras. Middels multivariabele logistische regressie zijn de individuele effecten van de parameters type behandeling, tijdstip start behandeling en type maligniteit vergeleken.
Resultaten: 614 zwangere patiënten werden geanalyseerd met bijbehorende nakomeling. De gemiddelde maternale leeftijd was 19 tot 48 jaar. Het gemiddelde geboortegewicht bedroeg 2755.7 ± 727.3 gram. Bij 136 (22.14%) nakomelingen lag het geboortegewicht onder het 10e percentiel, dit aantal is significant verhoogd in vergelijking met de algemene populatie (chi-kwadraattoets, P=<0.0001). Van de verschillende tumortypes werd SGA het meest frequent vastgesteld bij vrouwen met lymfomen (28,7%). Van het aantal patiënten met oncologische behandeling tijdens de zwangerschap (n=422) kreeg het merendeel een chemotherapeutisch gebaseerde behandeling (60,6%). Chemotherapieblootstelling was significant gerelateerd aan SGA (OR 1.69, P=0.01). Van de verschillende chemotherapeutica was blootstelling aan taxanen het sterkst geassocieerd met SGA (OR 4.88, P=0.0001). Een verband tussen het aantal toegediende chemotherapeutische cycli of moment van toediening gedurende de zwangerschap en SGA is niet waargenomen.
Conclusie: Dit retrospectief onderzoek toont aan dat er significant meer nakomelingen met SGA worden gezien bij zwangere vrouwen met een oncologische ziekte ten opzichte van de algemene populatie. Rekening houdend met de ongelijkwaardige aantallen in de behandelingsgroepen wordt met enige bedachtzaamheid geconcludeerd dat er significant meer nakomelingen met SGA geboren worden indien de zwangere behandeld wordt met (taxanen gebaseerde) chemotherapie. Gebruik van chemotherapie gedurende de zwangerschap en placentaire dysfunctie benodigd daarom verdere analyse.





Gebruik a.u.b. deze link om te verwijzen naar dit document:
http://irs.ub.rug.nl/dbi/58b55bd35f450


 
To top