Scripties UMCG - Rijksuniversiteit Groningen
 
English | Nederlands

Novel insights into pure and mixed clear cell carcinomas in endometrial cancer

(2016) Dijkstra, M.D.

background
Endometrial clear cell carcinoma (CCC) and mixed endometrioid carcinoma with a clear
cell component (EEC-CC) are rare forms of endometrial carcinoma (EC). Traditionally,
these tumors are classified and treated as high grade tumors. However, just a few studies
have identified clinical outcome for patients with pure CCCs and little is known
about the overall survival of the mixed carcinomas. Also, the predictive value of pipelle
in subtyping these tumors has not yet been determined. Lastly, determining an immunoprofile
of these tumors could bring new insights in the pathogenesis of these tumors
and be of potential diagnostic aid.
methods
We selected and revised 51 pure CCCs and 28 mixed EEC-CC cases diagnosed since 1980
in the UMCG and Isala Zwolle. Clinical outcome of these patients were compared to each
other. We also selected these patients for determining the positive predictive value of
pipelle compared to the definitive diagnosis on hysterectomy. Immunohistochemical
staining for ER, PR, PTEN, p53, HNF1-β, Napsin A, AMACR, p16 and MMR, which are
common markers used for CCC and endometrioid carcinoma, were performed on all
pure CCC and both components of the mixed carcinomas to obtain an immunoprofile of
these tumors.
results
We found an overall 5-year survival rate of 64% for CCC, compared to 68% for mixed
EEC-CC, which was not statistically significant. The positive predictive value of pipelle
for detecting a pure CCC is 100%, compared to 50% for a mixed EEC-CCC.
We found the immunophenotype of ER– and PR– (71.8-95.2% resp. 87.5-92.9%),
HNF1-β+ (61.9-91.7%) to be most common in all pure CCC cases. Loss of PTEN expression,
a p53 mutation and positive Napsin A was present in about 50% of all CCC and
AMACR immunoreactivity was present in 33%. For mixed carcinomas ER, PR and HNF1-
β expression significantly differed in expression between the endometrioid and clear
cell component. The clear cell component of the mixed tumor did show a significant
lower expression for HNF1-β and Napsin A compared to a pure CCC. Microsatellite instability
for MSH2/MSH6 was also significantly higher for mixed carcinomas compared to
pure CCC.
conclusion
The outcome of mixed carcinoma is not significantly different from a pure CCC, despite
the presence of a low-grade endometrioid component. Also, pipelle is highly predictive
for detecting a pure CCC, while correctly diagnosing just half of all mixed carcinomas.
An immunoprofile of loss of ER, PR and positive HNF1-β was most common in CCC of
our study. Furthermore, the immunoprofile of the CC component in mixed EEC-CC is
intermediate between pure CCC and EEC, suggesting a common pre-existing endometrioid
lesion from which the clear cell component originates.





ID 3357
Moeder ID 3084
Volgorde Dijkstra, M.D.
Naam DijkstraMD
Publiceren yes
OAI-naam Student_thesis
Path root/geneeskunde/2016/DijkstraMD/
Gemaakt op: 2017-03-08 12:33:58
Gemodificeerd op: 2017-03-08 12:33:58
Digitaal ID 58bffa368b6ca
Afstudeerrichting opleiding/afstudeerrichting 1
Studierichting Studierichting 1
Titel Novel insights into pure and mixed clear cell carcinomas in endometrial cancer
Ruilverkeer mogelijk no
Printen in opdracht no
Aantal pagina's 25
Publicatiejaar 2016
Taal en
Engelse samenvatting background
Endometrial clear cell carcinoma (CCC) and mixed endometrioid carcinoma with a clear
cell component (EEC-CC) are rare forms of endometrial carcinoma (EC). Traditionally,
these tumors are classified and treated as high grade tumors. However, just a few studies
have identified clinical outcome for patients with pure CCCs and little is known
about the overall survival of the mixed carcinomas. Also, the predictive value of pipelle
in subtyping these tumors has not yet been determined. Lastly, determining an immunoprofile
of these tumors could bring new insights in the pathogenesis of these tumors
and be of potential diagnostic aid.
methods
We selected and revised 51 pure CCCs and 28 mixed EEC-CC cases diagnosed since 1980
in the UMCG and Isala Zwolle. Clinical outcome of these patients were compared to each
other. We also selected these patients for determining the positive predictive value of
pipelle compared to the definitive diagnosis on hysterectomy. Immunohistochemical
staining for ER, PR, PTEN, p53, HNF1-β, Napsin A, AMACR, p16 and MMR, which are
common markers used for CCC and endometrioid carcinoma, were performed on all
pure CCC and both components of the mixed carcinomas to obtain an immunoprofile of
these tumors.
results
We found an overall 5-year survival rate of 64% for CCC, compared to 68% for mixed
EEC-CC, which was not statistically significant. The positive predictive value of pipelle
for detecting a pure CCC is 100%, compared to 50% for a mixed EEC-CCC.
We found the immunophenotype of ER– and PR– (71.8-95.2% resp. 87.5-92.9%),
HNF1-β+ (61.9-91.7%) to be most common in all pure CCC cases. Loss of PTEN expression,
a p53 mutation and positive Napsin A was present in about 50% of all CCC and
AMACR immunoreactivity was present in 33%. For mixed carcinomas ER, PR and HNF1-
β expression significantly differed in expression between the endometrioid and clear
cell component. The clear cell component of the mixed tumor did show a significant
lower expression for HNF1-β and Napsin A compared to a pure CCC. Microsatellite instability
for MSH2/MSH6 was also significantly higher for mixed carcinomas compared to
pure CCC.
conclusion
The outcome of mixed carcinoma is not significantly different from a pure CCC, despite
the presence of a low-grade endometrioid component. Also, pipelle is highly predictive
for detecting a pure CCC, while correctly diagnosing just half of all mixed carcinomas.
An immunoprofile of loss of ER, PR and positive HNF1-β was most common in CCC of
our study. Furthermore, the immunoprofile of the CC component in mixed EEC-CC is
intermediate between pure CCC and EEC, suggesting a common pre-existing endometrioid
lesion from which the clear cell component originates.
Nederlandse samenvatting Clearcellcarcinomen (CCC) van het endometrium zijn een relatief zeldzame vorm van
endometriumcarcinoom (EC), en omvatten slecht 1-3% van alle gevallen. De gemengde
tumoren, bestaande uit een laaggradige endometrioide (EEC) en hooggradige clearcellcomponent
(CC) zijn eveneens zeldzaam. Endometrioide tumoren hebben een goede
prognose van ongeveer 80% voor alle stadia. CCC en gemengde tumoren worden per definitie
beschouwd als hooggradig, en ook als zodanig behandeld. Echter, nog weinig studies
hebben een duidelijke prognose van CCC kunnen vaststellen, gezien hun zeldzaamheid.
Het is tevens onduidelijk of de aanwezigheid van een hooggradige component in
een EEC tumor van invloed is op de overleving. In deze studie hebben we getracht een
prognose voor zowel de pure CCC als de gemengde EEC-CC tumoren vast te stellen en
om deze te vergelijken. Hiervoor hebben we alle patiënten met een pure of gemengde
clearcell tumor geselecteerd, waarvan in totaal 51 CCC en 28 EEC-CC, en gereviseerd. De
algehele vijfjaarsoverleving van pure CCC was 64%, welke iets lager was dan de gemengde
tumoren (68%), maar niet significant werd bevonden. Ondanks een laaggradige
endometrioide component maakt de aanwezigheid van een hooggradige clearcellige
component dus de prognose vergelijkbaar met een pure CCC.
De diagnose endometriumcarcinoom wordt eerst vastgesteld door middel van pipelle.
Er bestaat twijfel over hoe voorspellend een pipelle is voor het juist diagnosticeren
van een clearcell- of gemengde tumor, gezien er relatief weinig weefsel beschikbaar
is voor diagnostiek. In dit onderzoek hebben we daarom tevens gekeken naar de voorspellende
waarde van de pipelle, welke 100% van de clearcellige carcinomen juist bleek
te diagnosticeren. Daarentegen werd bij slechts de helft van de gevallen waarbij een gemengde
tumor in de pipelle werd gezien, ook een gemengde tumor in de uterus gediagnosticeerd.
Ten slotte hebben we getracht een immunoprofiel van CCC en EEC-CC op te stellen
om als potentieel diagnostiek hulpmiddel in te kunnen zetten en om meer inzichten te
verwerven over de mogelijke pathogenese van deze tumoren. Hiervoor werd een panel
van immunohistochemische kleuringen op de pure CCC, beide componenten van de gemengde
tumoren en aantal pure endometrioide tumoren verricht. Een immunofenotype
van negatieve ER en PR (71.8-95.2%, resp. 87.5-92.9%) en positieve HNF1-β (61.9-91.7%)
was hierbij het meest voorkomend bij de pure CCC. Alhoewel beide componenten van
de gemengde tumoren een significant verschil in expressie van ER, PR en HNF1-β vertoonden
– daarbij ook op immunohistochemisch niveau evident de CCC component bevestigend
– vertoont de clearcellige component echter een immunofenotype tussen een
pure CCC en endometrioide tumor in. Dit zou er mogelijk op kunnen wijzen dat voor de
meeste gemengde tumoren de clearcell component uit een pre-existente endometrioide
tumor is ontstaan.
Onderwijsinstelling Medical Sciences
Type embargo abstract openbaar, scriptie op aanvraag
Auteur(s) Dijkstra, M.D.
UMCG begeleider(s) supervisors UMCG; Hollema, prof. dr. H.; Bart, dr. J.; Department of Pathology
Auteur(s) Dijkstra, M.D.
UMCG begeleider(s) supervisors UMCG; Hollema, prof. dr. H.; Bart, dr. J.; Department of Pathology


 
To top